“t Hijgend hert, der jacht ontkomen, schreeuwt niet sterker naar ’t genot van de frisse waterstromen, dan mijn ziel verlangt naar God…. (Ps. 42 oude berijming)

De TV zender National Geographic Wild zendt alle dagen alleen maar natuurfilms uit. Fascinerende beelden van dichtbeboste oerwouden, vruchtbare, maar ook kale en dorre plaatsen, droogte en overvloedige regenval schieten aan je voorbij. En de beelden van de dierenwereld geven ons een inkijkje in de omvang van zo vele soorten dieren die op het land, in de lucht en in het water leven. Als je al die beelden op je laat inwerken kom je onder de indruk van het grootse en machtige scheppingswerk van onze Schepper. Genesis 1 komt dan opeens heel dichtbij. Maar de beelden volgend komt ook Genesis 3 voorbij.
Je ziet een kudde herten rustig grazen. Dan opeens spitsen ze de oren. Ze merken onraad. Een leeuw moet om te overleven zijn hoger stillen met het doden van andere dieren. Zijn instinct drijft hem naar de herten. Hij zoekt zich een jong weerloos hertje of een ouder en verzwakt hert uit. De kudde maakt zich uit de “voeten”. Met grote sprongen proberen de herten het dreigend gevaar te ontlopen. Na een langdurige jacht moet de leeuw het dit keer opgeven. De herten wisten uit de klauwen van de leeuw te blijven en komen bij een waterpartij waar ze bij kunnen komen van hun angstige vlucht. Ze doen zich tegoed aan de verfrissende waterstromen.
Zo leven we als mens, natuur en dier in de gebrokenheid van de schepping. Maar eens zal deze gebrokenheid in alle facetten worden hersteld! Want de Heer zal uitkomst geven! De Here Jezus komt eenmaal terug en dan zal zelfs de leeuw liggen bij het lam, een kind zal spelen met een slang. Zover is het echter nog niet.
Psalm 42. Een psalm die graag en veel gezongen wordt in de erediensten. Velen van ons zullen één of meerdere verzen wel uit het hoofd kennen. Boven deze psalm staat “verlangen om God te dienen”. (“Heimwee naar God” NBG vertaling). Kennen wij dat nog? Is er in ons een diep verlangen om de Heere te zoeken, te dienen en te volgen? Onze toevlucht te nemen tot Hem? Moeten wij dan vluchten zoals de herten voor die leeuw? Worden wij bedreigd?
Laten we daar 1 Petrus 5:8 eens naast leggen. “Zijt nuchter en waakt, want uw tegenpartij, de duivel, gaat om als een briesende leeuw, zoekende wie hij zou mogen verslinden”.
We worden dus opgeroepen op onze hoede te zijn. Als het ware ons oren en harten gespitst op gevaren die op ons af kunnen komen. De satan is er nog steeds op uit ons ver bij de Heere vandaan te houden. Hij bespiedt en besluipt ons en probeert ons aan te vallen. Nee, niet op onze sterke plekken en momenten, maar hij weet waar wij juist zo kwetsbaar zijn. Laten wij op onze hoede zijn en tijdig vluchten. Waar dan heen? Kennen wij het verlangen om onze toevlucht te nemen tot God, onze Vader? Kennen wij het beeld uit Psalm 42?
Aan water of drinken ontbreekt het ons in dit land niet. En wat smaakt water heerlijk na een fysieke inspanning. Ons lichaam kan erdoor verkwikt worden. Maar voor onze zielen hebben we meer nodig. Nogmaals, kennen wij dat verlangen en heimwee naar onze God en Schepper? Kunnen wij het met de dichter van Psalm 42 meezingen: “Ja, mijn ziel dorst naar de Heer”? Zullen wij dan tevergeefs onze toevlucht nemen tot Hem? Nee, nooit, want Hij belooft in dezelfde Psalm: “Maar de Heer zal uitkomst geven”. Ja, zelfs bij het naad’ren van de dood, volkomen uitkomst. Neem dan uw toevlucht tot Hem, die de satan heeft overwonnen toen Hij aan het kruis uitriep: “Het is volbracht”.

Gemeente, welk ontmoeten wacht daar ons die dag!
Als aan des Herders voeten Zijn kudde rusten mag.
Heer, eer die dag des feestes verschijnt in heerlijkheid,
maak vol des Heil’gen Geestes ons voor Uw komst bereid.

(Joh. de Heer 793:3)

H.Huiting